Buren vertellen om de beurt hun verhaal. De bemiddelaars stimuleren dit proces via open vragen en toetsen of de ander gehoord heeft wat er is gezegd.
Als het duidelijk is wat er speelt en de emoties enigszins zijn geluwd, laat de bemiddelaar de partijen tegen elkaar vertellen wat belangrijk voor ze is en wat de wensen en verlangens voor de toekomst zijn.
Wanneer bij beiden enig begrip en inzicht ontstaat, kunnen de partijen gaan brainstormen over mogelijke oplossingen. Alles kan worden genoemd zonder het meteen met een ‘mits of ja, maar’ onderuit te halen. Zo ontstaan ideeën.
Beide buren zoeken vervolgens de oplossing die het beste bij ieder past.
Bij meerdere problemen stelt men in overleg een prioriteitenlijst samen.
Soms worden afspraken schriftelijk vastgelegd, meestal alleen als geheugensteuntje. Als de afspraak niet werkt, moeten beide buren toch met elkaar praten. Een papiertje regelt dat niet.
Tenslotte spreken de bemiddelaars af om nog een keer contact op te nemen om te horen of de gemaakte afspraken in de praktijk voldoen.